maandag 13 april 2015

Vechtsporten

Er is een bepaalde groep van ons die iets heeft met wapens en vechtsporten. Meer dan je zou verwachten. Ik liep ze altijd wel tegen het lijf. Het zijn meestal de actieve, sportieve meiden, die ook iets driftigs hebben. Meiden met geldingsdrang, en meiden die zich niet laten piepelen. En reken maar dat ze er klaar voor staan om op te treden als dat lijkt te gaan gebeuren. Die meiden kom je binnen de prostitutie flink meer tegen dan daarbuiten.

Je denkt makkelijk dat ze dat doen om hun eigen veiligheid te kunnen regelen, of omdat het gewoon nódig is, maar dat zijn gewoon smoesjes. Ook de lieve, zachtaardige meisjes die hun kat niet eens de baas kunnen, kunnen gewoon veilig werken. De echte reden is gewoon dat we veel vaker driftkikkers zijn, en driftige meiden kunnen maar beter zorgen dat ze iets hebben om op terug te vallen als hun grote mond problemen heeft gemaakt.

Dat wil niet zeggen dat het helemáál niet nodig is. Je hebt weliswaar het meeste aan een paar stevige jongens die je veiligheid doen, maar die staan ook niet naast het bed. Je moet in elk geval wel weten hoe je een agressieveling eventjes van je lijf houdt, en als je helemaal van hem af kan komen is dat extra handig natuurlijk! Je wordt bovendien veel beter in op tijd zien wat hij gaat doen, en dan kan je soms agressie helemaal voorkomen.

Ik heb goeie herinneringen aan gesprekken bij één van de clubs waar ik werkte, waar een paar haaibaaien zaten die nogal verschillende ideeën over vechtsporten hadden. Het was een paar keer raak, en dan ging de discussie best diep over hoe je het best als meid voor je eigen veiligheid kon zorgen. Ik praatte wel mee, maar ik was toch echt niet zo fanatiek als die andere meiden.

Zelf heb ik er ookwel wat mee. Ik ben geen Amazone, maar weerbaarheid heb ik toch wel leren waarderen bij mezelf. Daar ben ik een laatbloeier mee, want op school keerde ik letterlijk de andere wang toe als er werd gevochten. Ergens is dat jammer, want ik heb wel gemerkt dat kinderen die op school van zich af hebben leren slaan, later assertievere volwassenen worden. Achteraf leren om assertief te zijn is veel meer werk.

Mijn pa vond het maar niets dat ik me gewoon liet slaan. Ik was bang voor geweld, en ik vond agressie doodeng, ik kon er niet mee omgaan, en dat vond hij ongezond. Toen er een cursus zelfverdediging voor meisjes op school werd gegeven, moest ik erheen, ookal wou ik niet. Ik ging erheen, omdat mijn pa het wou, maar eigenlijk was ik een veeltegrote schijtlijster om zoiets te durven.

Het viel natuurlijk heel erg mee. Ik schopte wat tegen stootkussens, ik leerde keihard "nee" schreeuwen, en de leidster van de cursus was heel aardig tegen schijterige meisjes zoals ik. Achteraf had ik echt het gevoel dat ik kon vechten, en dat ik nu voor mezelf op kon komen. Dat gevoel duurde een weekje, en daarna zakte het toch weg. Ik kreeg op school daarna niet nog de kans om het uit te proberen, en dat was maar goed ook, denk ik.

Later, in de kraak, kreeg ik in mijn feministische periode ook weer de kans om iets van zelfverdediging te leren. We hadden net een lezing gehad over dat mannen helemaal niet sterker zijn dan vrouwen, maar dat ze alleen meer trainen, en wij hadden beslist om te gaan trainen om mannen te lijf te kunnen gaan. Het klinkt me nu genant in mijn oren, maar zo dachten we. Er was heel makkelijk geregeld om een training te gaan volgen.

In ons pand hadden we een trainer uitgenodigd, die ons elke week kwam trainen. Ze was een gestoord mens uit Engeland, die het netzo bekeek als wij. Ze had een indrukwekkend CV, waar ik nu wel mijn twijfels aan heb, maar we geloofden haar toen gewoon. We nodigden ook vrouwen uit om mee te komen trainen, en met hun bijdrages werd het voor ons gratis! Dat vonden we een overwinning op de mannenmaatschappij.

We kleedden ons aan in zwarte pakjes, deden een militair-achtige warming-up, en dan gingen we oefenen. De technieken waren allemaal manieren om zo te doen dat je de kans kreeg om een man in zijn ballen te slaan en schoppen. En als hij lag moest je nog een paar keer in zijn ballen schoppen, en dan tegen zijn hoofd. We hadden een hele agressieve instelling, we trainden om meteen zo'n vent in elkaar te slaan, zonder te waarschuwen. Er was een oefening waarbij je deed alsof je hem wel zijn zin wou geven om hem dichtbij genoeg te krijgen voor een kniestoot in zijn ballen.

Na de training gingen we wat drinken, en dan was er zo'n sfeer dat we hoopten dat er een man ons lastig zou komen vallen. Dat gebeurde natuurlijk nooit, en dat was maar goed ook. Ik weet niet wat er anders zou zijn gebeurd. We voelden ons als Rambo na zo'n training, en we dachten echt dat we elke vent aan zouden kunnen. Dat had heel erg uit de hand kunnen lopen, maar als we zo strak stonden waren we gelukkig duidelijk niet aantrekkelijk voor mannen.

Toen ik al een poosje bijna niet meer actief was bij de feministen had ik opeens, zomaar onverwacht, mijn training nodig. Ik was op klaarlichte dag door de stad aan het lopen, naar een station toe, en twee jongens duwden me plotseling tegen een muurtje en één deed een greep in mijn tas. Ik deed precies wat ik al die trainingen lang gedaan had, en zo hard dat ik mijn hand op een bepaalde manier gekneusd heb die ik nog een jaar heb gevoeld.

Het had geen resultaat. Ik heb zijn ballen niet geraakt, want aan dat stuk van de move kwam ik ook niet toe. De klappen die de man op de grond hadden moeten laten rollen deden heel weinig, ze pakten mijn telefoon en mijn beursje en holden weg. Ik was natuurlijk boos over dat ze me bestolen hadden, maar ik was nog veel erger geschokt over dat ik niet tegen ze op kon, en dat dat zo duidelijk was mislukt.

Later merkte ik ook nog wel op andere momenten dat het gewoon niet klopte wat ik had geleerd bij zelfverdediging. Wat ik op school en in de kraak leerde gaf me veel zelfvertrouwen, maar dat was onterecht. Ik ging er verkeerd van met risico's om, en er zijn veel betere manieren om je te verdedigen dan om te proberen een man zijn ballen kapot te schoppen. Het had heel lelijk af kunnen lopen.

Intussen weet ik wel beter. Mannen zijn heel veel sterker en harder dan vrouwen, dus als vrouw moet je echt heel goed weten wat je doet als je met een vent te maken hebt die niet luistert. En een vent die kan vechten, daar kan je als vrouw gewoon niets mee. Gelukkig zijn de meeste mannen nette mensen die je gewoon niets aan willen doen, en zit er in gezonde mannen een rem dat ze vrouwen veilig willen houden.

Tijdens mijn bordeeltijd heb ik veel geleerd van twee meiden die altijd meningsverschil hadden over welke vechtsporten nou het beste werken. Het werden interessante gesprekken. De ene zei dat jiu-jitsu het beste werkte, de andere, die ik eerder al C heb genoemd, was overtuigd van krav maga. Ze hebben me allebei weleens meegevraagd, en C kon me ooknog zover krijgen dat ik van mijn luie kont afkwam en het echt deed.

Ik heb dat één keertje gedaan, en die nacht werd ik wakker met zoveel pijn aan mijn polsen dat ik het nu nog weet. Ik kon niet meer in slaap komen, ook niet na ibuprofen. Krav maga is zogenaamd geschikt voor iedereen, maar ik sloopte mezelf daar zowat. Ik ben geen grote sportvrouw, ik sportte toen helemaal niet, en zelfs in mijn sportiefste tijden was ik geen krachtpatser. Maar mijn armen konden al dat geweld niet aan. Ik heb het maar gelaten.

Er waren ook meiden die vooral een grote mond hadden over zelfverdediging. Die hadden waarschijnlijk hetzelfde soort ervaring als ik, die hadden wat oefeningen gehad en dachten dat ze de Hulk waren. Die waren niet de vechtsportsters, maar meer de agressieve typetjes. Ze kwamen, vooràl als C niet in de buurt was, met heerlijk visserslatijn over de grote overwinningen op enorme bullebakken.

Die meiden nemen risico's omdat ze denken dat ze het wel aankunnen als puntje bij paaltje komt. En omdat je in het werk ècht niet zoveel geweld tegenkomt als iedereen denkt, kunnen ze die gedachte jaren vol blijven houden. Er zit dus wel verschil tussen die meiden en de driftkikkers die echt het liefst vechtmachines zouden zijn. Dat is wel belangrijk als je wil weten op wie je kan rekenen.

Vechtsporten zijn nuttig. Je bent alleen in mijn vak wel altijd een vrouw tegen een man, en daar kan je niet omheen. Je komt er niet met een paar technieken en wat attitude. Je moet krachttrainen, en dan nog moet je veel oefenen met harde sessies, want als je echt wat wil uithalen moet je héél hard ervoor kunnen gaan. En tegen een vent ben je dan nog niet zeker dat je hem van je af kan houden, want mannen zijn veel krachtiger dan wij.

Ookal heb je weinig kans om een vent knock out te slaan, toch is het belangrijk om te vechten als je wordt aangevallen. Zolang je vecht kan je nog een beetje sturen wat er gebeurt, en als je stopt met vechten geef je het helemaal aan je aanvaller. Je kan nog zorgen dat je hem van je lijf houdt tot er hulp komt, of tot je een wapen te pakken kan krijgen. Je moet er wel klaar voor zijn dat het kan gebeuren.

Als je door een man wordt aangevallen kan je je niet veroorloven om een eerlijk gevecht met hem te hebben. Je moet al je voordeel grijpen waar je het kan, en daar hoort ook bij dat je wapens gebruikt. Hij kan daar immers ook mee komen. En die meiden die iets hebben met vechtsporten, hebben dat ook vaak met wapens. Maar wapens zijn wel een ander verhaal, dat krijgt nog wel een eigen stukje.

Waar ik uiteindelijk mijn eigen manier mee vond, was wat lessen over wat echt belangrijk is van één van mijn beveiligers. Dat zijn tenminste dingen die ik ook echt kan dóén. Ik ben geen vechtjas, en ik zal dat ook nooit worden. Meiden die gek zijn op vechten kunnen genoeg trainen om nog resultaat te hebben, maar ik heb al die motivatie om zoveel te trainen en te lijden niet, en ik moet dus het gevecht maar ontwijken en trucs gebruiken.

Maar eerlijk gezegd heb je veel meer aan zorgvuldig je klanten kiezen. Je kan zo kieskeurig zijn dat je geen risicoklanten neemt, ookal moet je daarvoor wel soms principes over vooroordelen aan de kant zetten. Dan heb je geen vechtsport nodig. Ik heb in al die jaren, met al die duizenden klanten, nog nooit een gewelddadig type gehad die geen risicoklant was. Als ik zo selecteerde, was zelfverdediging ook nooit nodig geweest.

Ookal heb ik het niet vaak nodig gehad, en heb ik nog nooit met zelfverdedigingstechnieken echt een man eronder gekregen, toch doet het zijn werk. Want ik ben niet meer zo bang voor geweld. Ik weet beter waar ik op moet letten, en zelfs al word ik met bruut geweld geconfronteerd, ik weet altijd nog wat ik moet doen, om het zo goed mogelijk te overleven. En ik weet dat het allemaal niet het eind van de wereld is.

Ik weet waar mijn grenzen liggen. Die liggen niet waar ik zou willen, maar nu kan ik tenminste realistisch plannen wat ik moet doen bij geweld. En omdat ik weet waar ik aantoe ben, sta ik sterker. Ik kan brutaler zijn, en cooler blijven, dan ik anders zou kunnen. Dat heeft meer lastpakken afgeschrokken zonder een gevecht dan wat dan ook. Terècht zelfverzekerd zijn is de beste vechtkunst.

maandag 6 april 2015

Sorry

Nog steeds geen tijd voor een stukje deze week. Ik heb ook geen ingezonden stukjes die ik zomaar even online kan zetten. Volgende week komt er weer een gewoon stukje, beloofd!

zondag 29 maart 2015

Ingezonden: Vroeg beginnen, andere ervaring

Vandaag heb ik een ingezonden stukje. Een dag vroeger, want morgen heb ik het veelte druk. Het is wéér een stukje van een meid die vroeg begon, zoals ik er al eerder één heb geplaatst. Ik hoop dat ik het hiermee heb afgerond, want ik heb wel gemerkt dat ik met die eerste, en zelfs met eerdere stukjes, heel wat meiden die vroeg zijn begonnen tegen hun schenen heb geschopt. Dat was niet de bedoeling, en ik hoop dat jullie nu vinden dat ik genoeg kanten van vroeg beginnen heb laten zien, ookal heb ik er zelf geen ervaring mee.

Ze kwam eigenlijk al meteen na het stuk waar ze kritiek op had, en was onmiddellijk vrijwilliger om haar eigen visie op de site te laten plaatsen. Ze wou niet dat ik herschreef wat ze had te melden, dus het verhaal moest verschillende keren heen en weer tussen haar en mij, vandaar dat het pas later komt. Het komt me nu erg goed uit, trouwens! Ik vond haar verhaal te interessant om het zo kort op te schrijven dat de meeste lezers het niet zouden begrijpen.

Je vorige inzendster over jong werken in de prostitutie was verontwaardigd dat je de jeugdprostitutie als slachtofferschap beschreef, en impliciet instemde met de lezing van de overheid. Heel terecht, maar zij komt wel zelf met een verhaal van een eigen slachtofferschap, namelijk iemand die alleen in prostitutie de onafhankelijkheid kon vinden die ze zocht. Ze vertelt nota bene over haar zelfmoordgedachten. Dat zet wel weer de jonge prostituee in een frame van noodzaak en beperkte keus. In haar uitleg merk je duidelijk dat ze een genuanceerder beeld schept dan je gewend bent van de verleide maagd, maar nog beschrijft ze haar perspectief van een getroubleerde tiener die voor overleving en uit beperking kiest voor het werk. Ongetwijfeld is het voor haar de waarheid, maar ze is niet representatief voor de hoofdmoot van de jonge sexwerkers.

Ik schrijf dit ingezonden stuk omdat ik ook jong ben begonnen, en liever een ander perspectief laat zien, een perspectief dat veel vaker voorkomt dan het drama wat in het andere ingezonden stuk wordt verteld.

Mijn achtergrond was bevoorrecht. Ik kwam uit een gezin zonder stand of milieu, maar met genoeg geld en een verlichte moraal. Mijn vader had een succesvolle carrière, mijn moeder een eigen bedrijf. Ik was niet enig kind, en ik heb op school nooit enige moeite gehad met cijfers of socialiseren. Iedereen zag mij als het raketje dat klaar stond om naar de sterren te schieten, en daar had ik zelfs geen stress van, want ik trok me van die verwachtingen niks aan. Waarom zou ik ook, ik had de keus om te doen wat ik wilde. Dat was een bevoorrechte positie, want ik was me bewust dat vriendinnen en klasgenotes door hun ouders veel strakker werden aangestuurd dan ik, niet alleen wat betreft verwachtingen omtrent scholing en gehoorzaamheid, maar ook de interactie van hun puberale onzekerheid met de reactie van de ouders op de nieuwe vrijheden van hun kind trok daar de moraal en de preutsheid steeds verder aan. Meisjes van de tienerleeftijd worden door ouders en peer pressure bang gemaakt voor alles. Mijn ouders deden daar echter niet aan mee, en verwelkomden mijn nieuw verworven vrijheden. Een oudere broer was daar instrumenteel in, want die had voor mij het pad gebaand bij mijn ouders, en werd daarbij ook als mijn oppas beschouwd, hoewel hij mij helemaal vrij liet.

Mijn ouders hadden nog steeds grenzen, en dat ondervond ik toen ik met jongens begon te spelen. Ik had niet buitengewoon vroeg sexuele gevoelens, maar ik was in tegenstelling tot mijn vriendinnetjes niet bang voor sexuele interactie, minder nog dan de jongens. Het boy band stadium sloeg ik over, en ik ging me al vroeg interesseren in jongens om me heen. Dat werd al snel mijn hobby, wat andere meiden met paarden, turnen, wiet, drank of ballet hadden, had ik met jongens. Mijn ouders stonden me al zeer vroeg romantische liefde toe, maar trokken heel duidelijk de grens bij de romantiek, het moest niet meer dan handje vasthouden en wat kusjes blijven, een beetje rommelen was duidelijk niet gewenst. Ze prentten mij regelmatig in dat ik wel verliefd moest zijn als ik met een jongen bezig was, en spelen met meer dan 1 jongen tegelijk werd zelfs aangepakt, dat was een overschrijding van hun normstelsel waar ze me geen ruimte voor wilden geven. Vanzelf bleef ik dat doen, maar leerde om mijn ouders daar onwetend over te houden.

Ik ontdekte door met mijn jongens te spelen het flirten. Ik leerde flirten snel, want ik besteedde er veel aandacht aan. De kunst van het spelen en verleiden was aan die jongetjes niet besteed, maar ik merkte al vlot hoe sterk oudere jongens en mannen konden worden beinvloed met een paar subtiele manipulaties. Het was een kick om veel oudere mannen als een stier bij de neusring rond te kunnen leiden. Ik liet het nooit tot sexuele handelingen komen, maar ik trok wel graag sexuele aandacht van oudere mannen. Het lerarencorps was daarvoor natuurlijk mijn belangrijkste speeltuin, met flirten en verleidelijk zijn heb ik me door vele huiswerkcontroles heen gemanipuleerd. Ik herinner me nog met plezier hoe mijn leraar Grieks zich niet door mijn charmes liet vermurwen, en hoe veel ik kon leren van zijn weerstand. Hij heeft nooit een krimp gegeven, ondanks dat hij wel mijn invloed voelde.

Terwijl mijn klasgenootjes leerden van hun ouders en elkaar om verlegen en bang te zijn in sexuele context, had ik vrij spel om over mijn eigen sexualiteit te leren. Ik leerde door het spelen en manipuleren met mannen dat ik de complete vrijheid had, zo lang ik maar binnen de ervaringswereld van mijn ouders bleef. Die waren ook niet heel braaf geweest, en dus makkelijker dan het gemiddelde ouderpaar, maar buiten die grenzen waren ze even bezorgd en betuttelend. Dat besef was een belangrijke motivatie om de normen van de maatschappij, en zelfs die van mijn ouders, niet te serieus te nemen bij het kiezen hoe ik met mijn sexualiteit omging.

In de tweede klas middelbaar onderwijs kregen we een serie lessen over sexuele opvoeding, die me niks bijbrachten over sex en de dingen die we echt nodig hadden om te weten waar we mee bezig waren, en die vooral bestonden uit waarschuwingen. De jongens werden gewaarschuwd niet per ongeluk meisjes sexueel te misbruiken of aan te randen, de meisjes werden gewaarschuwd zich niet in te laten met jongens die sexuele bedoelingen met ze hadden. Verder kregen we onduidelijke maar nadrukkelijke waarschuwingen over internet, wat ze als een netwerk van pedofielen afbeeldden. Het meeste ging het ene oor in en het andere oor uit, zoals het meeste op school, maar er was 1 ding waar ik als 13-jarige wel opeens ideeen van kreeg, namelijk waarschuwingen dat je geen geld of kadootjes voor sexuele handelingen moest accepteren. Sex voor kadootjes zag ik niet zitten, maar ik had meteen een klik met het idee sex voor geld te verkopen. Het duurde nog dagen voordat ik de link maakte met prostitutie. Prostitutie was in mijn belevingswereld geen beroep, maar eerder een gesloten subcultuur met een intrinsieke verbinding met drugs en ziekte. Ik wist niet beter dan dat het illegaal was, omdat mijn beeldvorming voornamelijk door films tot me was gekomen. Daar durfde ik nu voorzichtig van af te stappen, en meer free-form na te denken over commercialisering van sex. Het leek me te mooi om waar te zijn, en ik ging op zoek naar het addertje onder het gras. Dat deed ik in de openbare bibliotheek, waar boeken over prostitutie uitsluitend op het nivo van misereverhalen beschikbaar bleken te zijn. Daar knapte ik initieel op af, maar telkens begon het toch weer te jeuken, en ging ik terug om de verhalen steeds kritischer te lezen.

Zogenaamd voor een spreekbeurt heb ik me over jeugdprostitutie goed voor laten lichten. Vooral de Rode Draad kon al mijn vragen samenhangend en correct beantwoorden. Iedereen vertelde me over wat die meisjes bewoog, en ik hoorde al die verhalen terug die ik in de boeken had gelezen, en ik geloofde er geen bal meer van. Ik had veel meer aan uitleg over de kanalen die werden gebruikt om klanten te werven, en over de maatregelen van politie en vrijwilligersorganisaties om meisjes in beeld te krijgen, en wat daar vervolgens mee gebeurde. Dat sloot voor mij veel mogelijkheden af, want ik wist wel al dat ik ten koste van alles moest voorkomen gepakt te worden, sociaal te worden uitgestoten, als slachtoffer te worden aangemerkt, en in een internaat terecht te komen.

Die internaten zag ik destijds als een strafmaatregel voor ongehoorzame meisjes, en het heeft me jaren gekost voor ik overtuigd raakte dat die plekken bedoeld zijn om kwetsbare meisjes te isoleren van gevaar. Toen ik vervolgens vriendinnen werd met een vrouw die in die tijd in een internaat zat, ben ik daar weer op teruggekomen, en sindsdien besef ik terdege dat het in internaten plaatsen van jonge prostituees inderdaad een strafmaatregel voor ongehoorzame meisjes is. Uiteraard woog veel zwaarder in mijn beleving dat ik koste wat kost moest voorkomen dat mijn ouders ingelicht zouden worden. Ik zon op manieren om geld te kunnen verdienen aan mijn sexualiteit zonder in het voetlicht te hoeven treden en mogelijk door de politie opgepakt te worden. In het begin waren mijn gedachten nog primitief en ongevormd, later werden ze steeds concreter en steviger doortimmerd. Het was daarbij belangrijk dat mijn sexuele ervaring explosief uitbreidde in die tijd. Mijn ontmaagding was de katalysator om veel te ontdekken over sex, en ik verloor al mijn verlegenheid en angst er voor.

Ik was 15 toen ik begon met prostitutie, iets meer dan een jaar later, dus dat is eindeloos lang op die leeftijd. Het begon met wat sugar daddy werk, maar dat is niks voor doortastende meisjes met een hang naar avontuur. Ik heb nooit mijn leeftijd kenbaar gemaakt, want ten eerste word je dan te makkelijk door de politie gepakt, ten tweede betaalt het kut, ze denken dat je voor een paar tientjes al uren aan de slag gaat, ten derde krijg je bijna geen klanten als ze weten dat je zo jong bent, want klanten willen helemaal geen minderjarigen, en ten vierde vond ik het een creepy idee dat een klant het zou weten en misschien juist op mijn jong-zijn, mijn chanteerbaarheid dus, geilt. Alles is makkelijker als je doet alsof je ouder bent. Klanten die zelf geen puberdochters hebben zijn heel makkelijk om de tuin te leiden. Je lichaam is niet waar ze je leeftijd aan zien, dat gaat meer om je stem, je manieren, en je kleding. Als je sexueel ontwikkelt, krijg je vanzelf volwassener gedrag, en dat helpt veel om verdenkingen af te weren.

De manieren om uit handen van de politie te blijven ben ik ook blijven gebruiken toen ik eenmaal volwassen was. Ontdekt worden als prostituee is een ramp als je nog meer met je leven wil, en er is geen enkel voordeel aan bekend te worden bij instanties. Tegenwoordig maken ze je compleet kapot als je onafhankelijk werkt, toen ik begon was dat nog veel minder extreem. Ik prijs me gelukkig dat ik vroeg begon, en daarom vanaf het begin al wist dat ik me buiten de greep van de controles en registraties moest houden, want als ik als naieve 18-jarige was ingestapt, had ik moeten leren dat we niet zo normaal worden behandeld als wordt beweerd nadat ik al met naam en toenaam in de registers van politie en overheid stond. Ik ben niet van werkwijze veranderd na mijn meerderjarigheid, want ambitie in de burgerwereld is niet te combineren met de chanteerbaarheid en het stigma van een geoute hoer.

Ik ben het werk blijven doen tijdens mijn studie, ook nu ik afgestudeerd ben en een carrière ben begonnen ben ik nog steeds niet van plan te stoppen. Ik vind het werk veel te interessant, en ik ben overtuigd dat ik nog heel veel te leren heb van het werk, en wat ik tot nu toe heb geleerd zou ik niet willen missen.

Mijn motivatie om met prostitutie te gaan experimenteren had niets met noodzaak te maken, maar alles met het vinden van een gestroomlijnde procedure om sexuele experimentatie en nieuwe ervaringen te organiseren buiten mijn sociale kring. Betaling hield niet alleen in dat mijn besteedbaar inkomen aanzienlijk hoger werd, maar ook dat er een scheiding tussen mij en de sexpartners ontstond die duidelijk afschermde tegen emotionele en sociale inmenging, maar wel ongecompliceerde sexuele interactie toestond. Tijdens mijn studietijd kon ik het inkomen goed gebruiken, en dat haalde ironisch genoeg iets van de puurheid van het werk weg. Ik vond het kruisen van mijn geldstromen tussen mijn legitieme burgerbestaan en mijn illegitieme sexwerk een complicatie die risico met zich meebracht.

Ik vertel nooit dat ik zo vroeg ben begonnen. Er zit al stigma genoeg aan gewoon sexwerker zijn, ik hoef niet nog eens extra zielig en gestigmatiseerd te zijn doordat iedereen denkt dat ik een geestelijk beschadigd eeuwig kindvrouwtje zal zijn omdat ik al jong sexwerk deed, en dat is dus waarom we er stil over blijven. We zijn met meer dan je denkt, want niemand in de meerderjarige scene staat te springen om uit te leggen dat ze jong gestart zijn. Je moet echt vertrouwen winnen bij verstandige sexwerkers als je wil dat ze een boekje open doen over hun vroege start, want niemand wil in de whorearchy een paar treedjes naar beneden. De meiden die een boekje open doen over hun vroege start, als je ze hebt laten merken dat jij er ook vroeg bij was, zijn de geslepen meiden met de scherpste tongen, en ze zijn de meiden die zich het best in de schaduw weten te houden, vaak met een perfect huishouden en een goede baan ernaast. Die hebben de kosten en baten van verlies van anonimiteit al jaren in de smiezen. Denk je soms dat die ervoor uit willen komen? Slimme meiden blijven buiten de kijker, dat is het hem juist.

Geen pamflet meer, uitleg hoe ik aan het werk kwam, aangevuld met human interest, anekdotes, eindelijk autobiografisch genoeg zo?

donderdag 26 maart 2015

Argos op de radio morgen

Op zaterdag van twee tot drie uur 's middags is er op Radio NPO 1 een journalistiek programma, Argos. Deze keer gaat dat over de sluiting van het Zandpad, en wordt er dieper gegraven naar wat daar allemaal achterzat. Als je dus niet kan kiezen welk standpunt je nou geloofwaardig vindt van de ingezonden stukjes die ik laatst heb geplaatst, is dit een goed programma om eens te beluisteren. Ik heb gehoord dat ze dieper in de Utrechtse beerput hebben gegraven dan tot nu to ooit is gedaan.

Ik heb nog steeds geen tijd voor mijn blog, maar ik heb één ingezonden stukje. Dus maandag heb ik weer wat staan. Ik weet niet of ik de maandag daarna ooknog wat heb. Ik hoop zo snel mogelijk het weer op te kunnen pakken.

maandag 23 maart 2015

Geen stukje

Vandaag even geen stukje. Ik heb een hele grote toestand in mijn leven, en ik heb even geen tijd voor mijn blogje. Ik vind dat zelf ook erg, maar het is nou even zo, en ik kan hier even niet mijn aandacht aan geven. Volgende week is dit nog niet over denk ik, dus als iemand een stukje wil insturen is dat fijn.

Sorry!

maandag 16 maart 2015

Provinciale Verkiezingen

Overmorgen gaan we met zijn allen weer naar de stembus. Die verkiezingen gaan over de Provinciale Staten. Dat is een bestuurslaag die tussen de Rijksoverheid en de gemeentes inzit. Als je gaat kijken naar wat die doen, is dat nietzoveel, en zeker nietzoveel belangrijks dat je ervoor omrijdt. Bovendien zijn het zulke droge onderwerpen dat er toch niet veel verschil inzit op wie je stemt.

De Provinciale Staten zijn een beetje een fossiel. De bestuurslaag is begonnen toen er nog flinke verschillen in regelgeving en bestuur waren tussen de verschillende provincies, en die veel meer een eigen quasi-nationaal karakter vertoonden. Inmiddels is regelgeving landelijk gelijk gemaakt in zo veel opzichten, dat veel van het bestaansrecht van de provincies verdwenen is. Ook ter ontlasting van de rijksoverheid dragen zij weinig tot niets meer bij, beschouwd in het licht van diens micromanagement in de praktijk.

Toch is het belangrijk dat jullie naar de stembus gaan! Want er is één taak van die Provinciale Staten die héél belangrijk is, en dat is dat ze de Eerste Kamer kiezen. Die Eerste Kamer heeft ons al beschermd tegen heel veel slechte wetten die uit de Tweede Kamer komen, en die moeten we sterk houden. Van privacy tot vrije artsenkeuze, van ondoordachte pensioenhervormingen tot draconische prostitutiewetten, de Eerste Kamer houdt ons nog een beetje veilig.

Je kan dan kiezen voor "jouw partij." Dat doen de meeste Nederlanders, alsof het hun voetbalclub is. Ik vind dat raar. Andere mensen hebben weer een soort gevoel bij wat partijen betekenen, "waar ze voor staan," en dat heeft vaak toch weinig te maken met hoe die partij ook echt stemt. Gelukkig kan je op internet wel websites vinden waar bijgehouden wordt wat partijen nou ècht doen, en niet alleen wat ze zèggen dat ze doen.

Dit is zo'n website. Ik kan hem aanraden, want je krijgt niet alles voorgekauwd, je krijgt alleen te zien wat er nou echt bij zo'n parlement langskomt. En dan zie je pas hoeveel onzin het is, en hoeveel gebakken lucht. Je weet het ergens ook wel, maar het is een stuk duidelijker als je gewoon kan zien wat de dagelijkse praktijk is. Dan leer je ook heel wat over hoe "je" partij met jouw stem omspringt.

Wat ik ook een heel interessant feitje vond, is iets wat Bouche me vertelde: De Eerste Kamer doet niet aan initiatieven, maar wel aan controles. Dus maak je niet te druk over wat een partij voor initiatieven heeft, als je ze maar kan vertrouwen om tégen te houden wat je tegengehouden wil hebben. Ik vind bijvoorbeeld sommige grondideeën van de SP een beetje fascistisch, maar ze houden wel stand tegen een hoop gevaarlijke onzin in de Eerste Kamer.

Ik heb de Eerste Kamer flink gevolgd de afgelopen jaren. Ze zijn voor ons hoeren heel belangrijk geweest. Zonder de Eerste Kamer zou de WRP er al door zijn, met alle gevolgen daarbij. Daarom zal ik altijd stemmen, want de Eerste Kamer komt maar weinig in het nieuws, maar is minstens netzo belangrijk als de Tweede Kamer. En wat daar allemaal gebeurt heeft me een hoop laten zien over de partijen daar.

De VVD en de PvdA lieten zien dat ze onbetrouwbare huichelaars zijn, die het belangrijker vinden om hun partij lekker te laten scoren dan dat ze echt doen waar ze daar voor zijn, het kritisch bekijken van of het wel klopt en echt werkt wat er van de Tweede Kamer afkomt als wetsvoorstellen. Die wisten ookwel dat ze onzin aan het verkopen waren, maar ze deden het dus toch omdat ze "partijdiscipline" hadden gekregen.

Van het CDA, SGP en CU kon je vanaf het begin al niets verwachten, want die hebben wat tegen vrije seks en dus ook tegen prostitutie, maar ook de PVV kijkt niet verder dan zijn neus lang is, want die weten dat in het oog van de publieke opinie loverboys altijd jongens met een kleurtje zijn. Maar eerlijk gezegd denk ik dat niemand met een open geest zal gaan stemmen voor zo'n partij, en mensen die voor zo'n partij stemmen luisteren toch niet naar anderen. Dit zijn partijen met de wijsheid in pacht.

Ik heb redelijk positieve indrukken gekregen van D66 en Groen Links, ookal zijn die erg wisselvallig. Soms willen ze duidelijk wat goeds doen, soms staan ze open voor andere ideeën, en het basisbeginsel is ook dat ze mensen zelfbeschikking willen geven, maar ze zitten zó diep in de loverboymythe dat ze dan wèl weer een uitzondering op hun principes en gezonde verstand willen maken als het om prostitutie gaat. Meestal gaat het goed, maar ik kan ze gewoon niet vertrouwen.

Er zijn twee partijen die een heel goeie indruk hebben achtergelaten. Dat komt denk ik meer door de personen dan door de partij echt zelf. Dat gaat om Nanneke Quik-Schuit van de SP en om Cees de Lange van de OSF. Die twee staan met hun poten op de grond en zijn bereid om echt naar de feiten te kijken zonder zich van taboes en de waan van de dag wat aan te trekken. Daar hebben we veel aan gehad, en die krijgen mijn respect.

Als je op Nanneke wil stemmen, is dat makkelijk, want de SP is overal op de kieslijsten. Als je op Cees wil stemmen is dat moeilijker, want dat moet via een omweggetje wat per provincie verschilt, maar dan kan je hier zien welke partijen je kan kiezen. En als je in Overijssel of Zuid Holland woont, kan je helemaal niet op hem stemmen. Ik vind dat maar een rare manier, maar zo werkt dat nou eenmaal.

Natuurlijk bekijk ik het vanuit de kant van een minderheid. En natuurlijk is het prostitutiebeleid maar een heel klein stukje van wat de overheid allemaal doet. Er zijn belangrijkere dingen, dat weet ik prima. Maar zoveel verschil is er eigenlijk niet in ideologieën, als je naar hun stemgedrag kijkt, en je kan een hoop zien aan hoe ze verschoppelingen behandelen. Mijn opa zei al: een man die zijn hondje schopt kan nog zo vriendelijk tegen me zijn, maar ik vertrouw hem niet.

zondag 15 maart 2015

Ingezonden: Antwoord van Marjan Wijers

Een paar dagen geleden plaatste ik een stukje wat een collegaatje instuurde over de sluiting van het Zandpad. Ik heb altijd mijn eigen gedachtes gehad over het Zandpad. Het was een plek waar je innig met de gemeente moest zijn, en dat trekt een soort meiden aan waar ik niet mee overweg kan. Ik hou er afstand van, maar hoe je het ook wendt of keert, die meiden daar zijn erg oneerlijk behandeld, en de sluiting van de raamprostitutie in Utrecht is puur gerommel geweest.

De reden dat ik dat stukje geplaatst heb, is omdat er duidelijk werd gemaakt dat er niet alleen door de gemeente is gerommeld, maar dat er ook vanaf de welzijnsmensen is gepusht om de raamprostitutie om te duwen, om hun eigen agenda door te kunnen voeren. Dat was eerder nog niet bekend, en dat is erg kwalijk. Ik vond het stukje daarom belangrijk, al was het maar om te laten zien hoe weinig mensen je kunt vertrouwen omdat ze allemaal "voor je bestwil" over je heen walsen.

Vandaag plaats ik een ingezonden stukje van Marjan Wijers, die er in het eerste stukje nogal vanlangskrijgt. Ze wil antwoord geven, en dat moet kunnen. Het is gewoon netjes om dat te plaatsen, vind ik. Wie A zegt moet ook B zeggen. Als ik niet evenwichtig wou zijn had ik me hier niet mee moeten inlaten. Ze vertelt haar versie van het verhaal, en of dat alles beantwoordt moeten mijn lezers maar zelf beoordelen.


Beste zondares,

Graag reageer ik op het door jou gepubliceerde ingezonden stuk over het Zandpad. Een stuk vol halve waarheden en uit de context gehaalde teksten. Wellicht helpt onderstaand stuk ons allemaal beter te begrijpen hoe de afbraak van het Zandpad gegaan is en legt het de verantwoordelijkheid weer daar waar die hoort, nl. de gemeente Utrecht.

De Machas zijn na de eerste sluitingen van de ramen opgericht op initiatief van een aantal sekswerkers van het Zandpad. Idee was dat vrouwen op die manier beheer over hun eigen werkplek hebben zonder afhankelijk te zijn van exploitanten of te moeten opdraaien voor fouten van anderen, zoals in Utrecht is gebeurd. In een coöperatie zijn de leden de baas en gaat gemaakte winst naar de leden zelf in plaats van naar derden. Die kunnen bijvoorbeeld ook besluiten een broodfonds op te zetten, een populaire manier bij zzp’ ers om je te verzekeren tegen ziekte, of een spaarsysteem. Niet onbelangrijk omdat, zoals de schrijfster opmerkt, sekswerkers nog steeds geen arbeidsongeschiktheidsverzekering kunnen afsluiten, een hypotheek krijgen of een bankrekening openen. Bij de oprichting zijn ze gesteund door de Ondernemerscoöperatie, een club die gespecialiseerd is in zzp’ers helpen een coöperatie op te zetten. De kosten daarvan, inclusief de notariskosten, zijn betaald door de gemeente Utrecht.

Nadat de gemeente de exploitatievergunningen van de eigenaren van de boten had ingetrokken was elke nieuwe kandidaat-exploitant afhankelijk van een huurcontract met de oude eigenaren. Dat hebben de Machas ook geprobeerd. Marc Kramer van Midned had al een contract met de 4 ‘kleine’ eigenaren. Bleef over Wegra, de eigenaar van driekwart van de boten op het Zandpad. Die bood de Macha’s een contract aan waarbij hij op de achtergrond nog steeds invloed had op de bedrijfsvoering. Dit leidde tot een breuk binnen de Machas. Sommigen vonden dit geen probleem, anderen wel. Caja van Tolie, een van de andere vrouwen en Wil Post van de steungroep kozen er voor met Wegra in zee te gaan, de anderen wilden alleen een kaal huurcontract. Dat was overigens ook een eis van de gemeente.

Later is nog een keer onderhandeld met Wegra. Wegra bood toen een kaal huurcontract aan, maar tegen een zo hoge prijs (ruim 28.000 per maand incl. BTW voor 8 ramen, oftewel bijna 675 ex BTW per raam per week) dat de coöperatie nooit economisch rendabel kon zijn zonder de huurprijzen van de ramen voor de leden te verhogen. Alle kosten (beveiliging 24/7, beheer, administratie enz.) waren immers voor de Machas. Marc Kramer bood toen aan de beveiliging voor de Machas gratis te doen. Dat was een ontzettend aardig aanbod, maar om levensvatbaar te zijn moet een bedrijf zijn eigen broek kunnen ophouden. Bij het gesprek met Wegra was naast Midned ook Caja van Tolie aanwezig, die door Wegra gepresenteerd werd als zijn nieuwe exploitant en inmiddels een eigen BV had opgericht (Freya BV).

Tegelijk probeerden de Machas toestemming te krijgen van de gemeente voor een eigen boot. Op 14 november 2013 zegde de burgermeester toe hieraan mee te willen werken. Een paar weken later maakte het Waterschap bekend per 1 maart 2014 alle ligplaatsvergunningen in te trekken. Dat was ook voor de Machas een (nare) verrassing en tegen hun belang. Daarmee vervloog immers ook alle hoop op een eigen boot. Hoe die beslissing tot stand is gekomen en welke rol de gemeente daarin precies heeft gespeeld is nog steeds gissen. Dat de gemeente die mogelijkheid onderzocht was geen geheim. Zeker is echter dat noch de Machas, noch de steungroep van de Machas daarin een rol hebben gespeeld of hierover van te voren op de hoogte waren. Het vervolg van de geciteerde email van oktober 2013 luidt: “Kortom, de gemeente voert geen procedure en heeft ook geen voornemen in die richting”. Dat was, voor zover wij toen wisten, de stand van zaken. Het is de vraag trouwens of de beslissing van het Waterschap juridisch houdbaar is.

Daarna, in januari 2014, bood Marc Kramer de Machas nog aan 2 boten van hem te huren in de hoop dat het Waterschap zijn beslissing niet door zou zetten. Opnieuw een sympathiek aanbod, dat echter alleen kans maakte als het waterschap van zijn voornemen af zag. We hebben daarom aan Marc voorgesteld om samen te lobbyen voor het in ieder geval tijdelijk openhouden van de boten: “Handel de aanvragen af die er liggen (Midned, Machas, Freya). Wie door de aanvraag komt kan tijdelijk de boten waarvoor de vergunning is aangevraagd exploiteren totdat de alternatieve locatie klaar is.” Ook dat lukte niet. Ondanks een grote raadsmeerderheid die wilde dat de burgermeester met het Waterschap onderhandelde over het handhaven van de ligplaatsen totdat de nieuwe locatie klaar zou zijn. De ramen waren dicht en bleven dicht.

Overigens hebben we ons inderdaad al vanaf de eerste sluitingen (intern) het hoofd gebroken over oplossingen om de boten toch open te houden, bijvoorbeeld via een interim bestuurder en het storten van de huurgelden op een derdenrekening zolang de juridische procedures tussen gemeente en eigenaren liepen. Dat idee leek echter niet realistisch.

Al met al lukte het de Machas niet om werkplekken te verwerven. Dit in tegenstelling tot Marc Kramer die al een contract met een aantal van de oude booteigenaren had. Daarom werd zijn aanvraag wel in behandeling genomen en werd hij wel door BIBOB gehaald, terwijl de aanvraag van de Machas bij gebrek aan werkplekken door de gemeente op non-actief werd gezet. Mijn indruk is trouwens dat de gemeente de BIBOB procedure inderdaad heeft misbruikt om zijn aanvraag voor een exploitatievergunning eindeloos te traineren. Om het nog ingewikkelder te maken wijzigde de gemeente de regels bovendien tijdens de rit.

Ondertussen had de gemeente ingezet op een alternatieve locatie: het Nieuwe Zandpad. Dat maakte het belangrijk om zo veel mogelijk druk op de gemeente te zetten om dit zo snel mogelijk te realiseren. Dat hebben we ook gedaan, tot en met het aanleveren van tekeningen waar dit op gemeentegrond zou kunnen (met hulp van de door schrijfster genoemde ingenieur), maten en prijzen van prefab units enz. Begin 2014 beloofde de burgermeester bovendien een tijdelijke noodlocatie. Een paar maanden later werd die belofte weer ingetrokken: het zou te duur zijn (450.000 euro!) en het verschil in tijd tussen het realiseren van de tijdelijk en definitieve locatie zou te klein zijn. Terecht was iedereen hier erg boos over.

Vanaf het moment dat de gemeente besloot voor een nieuwe locatie hebben de Machas en de steungroep ervoor gepleit om bouw en eigendom van het Nieuwe Zandpad niet onder te brengen bij een nieuwe commerciële partij, maar bij een maatschappelijke organisatie die het belang van de sekswerkers voorop stelt in plaats van winst maken. Daarmee wordt het risico op een herhaling van het oude Zandpad kleiner en wordt voorkomen dat de vrouwen in de toekomst dubbel moeten werken, én voor de winst van de nieuwe eigenaar én voor de winst van de nieuwe exploitant(en). De gemeente wilde echter geen enkele verantwoordelijkheid dragen of bemoeienis hebben en hield vast aan uitbesteding aan een commerciële partij. Dat mislukte: er was geen bouwer te vinden onder de voorwaarden van de gemeente (alle risico’s bij de bouwer, alle macht bij de gemeente). Dat betekende een nieuwe ronde, en vooral: weer verder uitstel. De steungroep heeft toen opnieuw gepleit voor een maatschappelijke organisatie in de notitie “Verder met het Zandpad” (www.vrouwenrecht.nl/2015/02/06/verder-met-het-zandpad/). Heel concreet: wij hebben een stichting gevonden die hiertoe bereid is en 4 miljoen wil investeren in de bouw van het Nieuwe Zandpad. Niet om winst te maken maar vanuit het belang van sekswerkers bij goede, veilige en betaalbare werkplekken. Had de gemeente deze kans gepakt, dan had het Nieuwe Zandpad er dit jaar kunnen staan. Dat heeft ze niet gedaan. Waarom niet? Gebrek aan visie, gebrek aan lef en gebrek aan gevoel van urgentie. De gemeente maakt liever 10.000 regeltjes, dan verantwoordelijkheid te nemen voor de gevolgen van hun handelen en te zorgen dat de vrouwen zo snel mogelijk weer aan het werk kunnen. Als het dan mis gaat, hebben zij in ieder geval ‘schone handen’. En dus is de bouw van een nieuwe locatie weer verder uitgesteld: 2017 zeggen ze nu.

De Vereniging Vrouw en Recht ‘Clara Wichmann’ heeft als doel de rechtspositie van vrouwen te verbeteren. Daar horen ook sekswerkers bij. Daarom heeft ze van begin af aan de Machas gesteund en gezocht naar mogelijkheden om het Zandpad zo snel mogelijk weer open te krijgen. Om dezelfde reden heeft ze zich samen met het Platform positieverbetering sekswerkers, met succes, ingezet tegen verplichte landelijke registratie van sekswerkers. Zo heeft ze in 2011 een onderzoek laten doen naar mogelijke strijdigheid van verplichte registratie met de Nederlandse en Europese privacy wetgeving (http://www.vrouwenrecht.nl/2011/01/01/juridische-analyse-inzake-mogelijke-strijdigheid-van-de-voorgestelde-algehele-registratieplicht-voor-prostituees-met-de-wet-bescherming-persoonsgegevens-januari-2011/). Ook heeft ze in 2014 samen met het Platform een evaluatie van de opting-in regeling gemaakt (http://www.vrouwenrecht.nl/2014/04/08/evaluatie-opting-in-regeling-in-de-besloten-prostitutie-31-maart-2014/). Het Platform is een netwerk van sekswerkers, academici, hulpverleners, gezondheidswerkers, juristen en andere betrokkenen, ontstaan vanuit de strijd tegen verplichte registratie. Sinds kort is het een officiële vereniging met de naam Swexpertise. En ja, Swexpertise en haar leden steunen PROUD, de nieuwe sekswerkersorganisatie. En nog even voor de goede orde: zowel de Vereniging Vrouw en Recht als Swexpertise en PROUD zijn vrijwilligersorganisaties zonder een cent overheidssubsidie.

Met vriendelijke groet,

Marjan Wijers
13 maart 2015

woensdag 11 maart 2015

Ingezonden: De verborgen krachten achter de mislukte heropening van het Zandpad

Vandaag heb ik een ingezonden stuk van een collega die puik recherchewerk heeft gedaan naar hoe het allemaal is gegaan met de sluiting van het Zandpad, en vooral naar de vreemde dubbelrollen die de mensen die als "stem" van de hoeren werden gehoord daarin hebben gespeeld. Ik vind dit een belangrijk stuk achtergrond, en het is belangrijk dat het duidelijk wordt dat sommige mensen die beweren de Utrechtse prostitutie te steunen, juist hebben gewerkt om alles te sluiten.

De verborgen krachten achter de mislukte heropening van het Zandpad
Door Barbara van Brakel
Voor een aantal jaren ben ik als sekswerker werkzaam geweest op het Zandpad. En dat beviel mij goed. Prettige werksfeer, goede verdiensten en een betaalbare huur. Maar toen was daar opeens de brief die ons op maandag 15 april 2013 persoonlijk overhandigd werd. Het was een brief van de Gemeente Utrecht die gericht was aan de prostituees van het Zandpad en opende met:
Geachte mevrouw,
Helaas heb ik vervelend nieuws voor u.
(...)
Hoogachtend,
Mr. A. Wolfsen
Burgemeester van Utrecht
Twee dagen later, op donderdag 18 april moesten de eerste zes boten sluiten.

We stonden zomaar op straat. Geen werk meer, geen inkomen meer. Bijna twee jaar later zijn de boten nog steeds niet open. Al die tijd wilde ik weten hoe dit nu zo kon gebeuren? Wie was hier nu werkelijk verantwoordelijk voor? En wat ging er fout bij de beoogde heropening van het Zandpad? Kortom: wie, wat, waar en wanneer. Hieronder vindt u mijn bevindingen.

Zoals gezegd, in april 2013 kon de eerste exploitant zijn boten sluiten. Drie maanden later volgden de overige boten op het Zandpad inclusief de ramen in de Hardebollenstraat. Hierdoor kwamen ruim 330 sekswerkers op straat te staan. Reden voor de sluiting waren volgens de gemeente Utrecht: vermoedens van mensenhandel, verstoring van de openbare orde en het slechte toezicht. Vreemd genoeg kwam de gemeente Utrecht eind januari 2013 - twee maanden voorafgaand aan de eerste sluiting - met een positief evaluatierapport over de raamprostitutie in Utrecht. Uit dit evaluatierapport blijkt dat de criminaliteit in de raamprostitutie is gedaald, dat vrouwen niet meer worden gedwongen tot lange werkdagen en dat sekswerkers onder de 21 jaar niet meer worden aangetroffen tijdens de gemeentelijke controles. Twee maanden later werden de eerste boten op het Zandpad dan toch gesloten.

Hoewel de exploitanten werden verdacht van vermoedens van mensenhandel is er tot op heden geen enkele exploitant veroordeeld voor mensenhandel. Tevens is er tot op heden nooit een strafrechtelijk onderzoek ingesteld naar de
betreffende exploitanten.

Sterker nog, of zoals u wilt nóg gekker:
Er is tot op heden zelfs geen enkele exploitant verhoord door de politie.

Desondanks mogen/kunnen deze exploitanten niet meer hun boten openen, want hun exploitatievergunning is voor bepaalde of onbepaalde tijd ingetrokken door de gemeente Utrecht.

Na de sluiting van de boten kwam er een storm van kritiek en protesten richting B & W van Utrecht. Dit resulteerde onder andere dat toenmalig burgemeester Aleid Wolfsen in de zomer van 2013 de toezegging deed dat er zich nieuwe exploitanten konden melden om een exploitatievergunning aan te vragen om raamprostitutie in Utrecht weer mogelijk te maken. Dit deed Marc Kramer van Midned.

Marc Kramer was daarmee de eerste aspirant exploitant die een vergunning aanvroeg voor 12 boten (43 werkruimtes). Naast Marc Kramer als eerste aspirant exploitant, werd op kosten van de gemeente Utrecht een coöperatie van sekswerkers, de Macha's opgericht. Bij de Macha's zouden sekswerkers niet meer afhankelijk zijn van exploitanten, maar gingen de sekswerkers de coöperatie zelf exploiteren.

De Macha's kregen advies van:
Marjan Wijers, mensenrechten-jurist/-onderzoekster & consultancy,
Dick Spel, voormalig medewerker van CoMensha, een stichting die zich inzet voor een beter leven voor slachtoffers
van mensenhandel,
en tenslotte, Mieke van der Burg, voorzitter van de vereniging Vrouw en Recht.

Middels de coöperatie "de Macha's" hoopten de 5 vrouwen die zich hadden aangesloten bij de Macha's (van de 330 vrouwen van het Zandpad en de Hardebollenstraat!) , dat de raamprostitutie op korte termijn weer mogelijk zou worden in Utrecht. Hoewel de overige sekswerkers niets tegen de coöperatie hadden, ging de voorkeur van de meeste sekswerkers toch uit naar het huren van een raam bij een exploitant. Het merendeel van de zzp'ers wilden namelijk niet meebetalen aan een geldpotje
van deze coöperatie ten behoeve van:
Cursussen boekhouding en onderhandelen met klanten (???), een juridisch spreekuur, les geven aan beginnende sekswerkers, het opzetten van een "broodfonds" (soort ziektegeld) , een spaarsysteem (waar trouwens de rente over dit "spaargeld" nergens vermeld werd (...en wat gebeurt er met dat geld als de coöperatie failliet gaat?) en nog wat andere onzinnige zaken.

Nee dank u. Dat regel ik zelf wel. Daar heb ik geen hulp bij nodig.

Trouwens, CoMensha - zo bleek onlangs - is een stichting die het niet nalaat cijfers over mensenhandel op te stuwen door elke melding te registeren als een definitief slachtoffer. Tja, de subsidie-geldstroom richting Comensha moet tenslotte wel blijven stromen. Inmiddels belooft CoMensha beterschap. (Lees Utrecht krijgt spijt, artikel Muisstil. BvB)

Terug naar juli 2013.
In de zomer van 2013 was het al bekend dat de laatste boten en de ramen in de Hardebollenstraat gesloten zouden worden. De gemeente Utrecht nodigde een groep "deskundigen" uit voor de Nationale Denktank Toekomst Exploitatie Raamprostitutie die het nobele streven had schone prostitutie te creëren. Uit informatie die mij is toegezonden, blijkt nu dat er in deze vergadering van 4 juli 2013 reeds de eerste grote stappen zijn genomen om het Zandpad en de Hardebollenstraat nooit meer open te laten gaan.

De "deskundigen" onder wie Marjan Wijers, Dick Spel en Hans de Nie hebben hierin een prominente rol gespeeld. Saillant detail is dat de sekswerkers niet door B & W en/of de gemeenteraad waren uitgenodigd bij dit denktankoverleg van de gemeente Utrecht, terwijl het wel over onze legale werkplekken ging.

Uit andere stukken blijkt dat Marjan Wijers het volgende wil:
* geen monopolie van exploitanten
* onteigening van booteigenaren
* in beslagneming van de boten
* andere locatie waar raamprostitutie mogelijk is
* opzeggen van ligplaatsvergunningen van de boten
* geen exploitanten meer, alleen coöperaties
* Exploitanten maken zich schuldig aan uitbuiting door extreem hoge huren.
(Echter, het tegendeel is waar: Utrecht had de laagste huurprijs voor een
raam van alle raamexploitanten in heel Nederland. BVB)
"Wij hebben al eerder als oplossing om de boten open te houden voorgesteld om de exploitant onder curatele te stellen (een interim bestuurder dus) en de huurgelden op een door derden rekening te storten. Daar hebben ze niets mee gedaan, terwijl het volgens mij wel een goede oplossing is.. Het enige is dat we dan een goede interim bestuurder moeten vinden, maar dat zou toch moeten lukken met alle contacten van vooral [...] en Mieke van den Burg (de voorzitter van de Vereniging Vrouw en Recht, waar ik ook in het bestuur zit).
(...)
"Het is duidelijk dat de Olifant cs liever met een Marc Kramer in zee gaat dan met een coöperatie. Dit zal ook gelden voor de Wegra. Zij zullen willen blijven verdienen aan de exploitatie van de boten en wij hebben geen zak met geld te bieden. Dit is iets waar eigenlijk alleen de gemeente invloed op kan uitoefenen (onteigening, in beslagname, andere locatie?).
(...)
"Wij kunnen alleen zorgen dat we klaar staan om de exploitatie over te nemen zodra de mogelijkheid zich voordoet."
Aldus Marjan Wijers op 12 juli 2013.

Dit is geschreven twee weken vóór de sluiting van de laatste boten. Eind juli 2013 geeft Marjan Wijers al aan dat de aspirant exploitant Marc Kramer van Midned ook een uitbuiter is want: "....hij wil ook winst maken."

Winst maken. En wat is daar nu verkeerd aan? Moeten we van Marjan Wijers misschien terug naar de tijd van de kolchozen en
sovchozen? En waar baseert Marjan Wijers het allemaal op? Suggestieve aannames en vermoedens misschien? De huurprijs van de te heropenen boten zouden hetzelfde blijven. Ook Marjan Wijers, Dick Spel en Mieke van der Burg hebben huurcontracten
aangeboden gekregen van Midned, maar lieten Marc Kramer zes weken wachten op antwoord. Zij lieten niets meer van zich horen omdat zij (zo bleek later) waarschijnlijk voorkennis hadden over het voornemen van de gemeente om in overleg te gaan
met het waterschap om te bezien welke mogelijkheden er waren tot het intrekken van de ligplaatsvergunningen. Marjan Wijers, Dick Spel en cum suis wisten toen al dat hierover op het hoogste bestuurlijke niveau (burgemeester en dijkgraaf) overleg plaats vond.

Hierover later meer.

In een mail van de coöperatie van 13 oktober 2013 schrijft Dick Spel:
Moreel dilemma in dit dossier:
Enerzijds: het Zandpad moet zo snel mogelijk weer open. Honderden vrouwen zitten zonder inkomen, zijn prooi geworden van mensenhandelaren en uitbuiters, moeten uitwijken naar werkplekken ver weg en onder erbarmelijke omstandigheden. Het is
moreel onverantwoord om het openen van het Zandpad te vertragen.
Anderzijds: een vergunning verlenen aan een nieuwe exploitant betekent het huidige beleid met mensenhandel en uitbuiting voortzetten. Nieuwe exploitanten gaan uitbuiten en de huidige eigenaren blijven ook verdienen. Het wordt nog slechter voor
de vrouwen. Mijn advies is: boten mogen niet meer open en wij moeten al onze politieke connecties gebruiken om dit te voorkomen. Vrouwen kunnen zich alleen aansluiten bij één coöperatie of kleine coöperaties.
Zó zeg,.....in minder dan vijf minuten heeft Dick Spel zijn/het moreel dilemma in dit dossier opgelost. Per decreet - zo lijkt het wel - en zonder scrupules worden de 330 Utrechtse sekswerkers met één pennenstreek door Dick Spel geslachtofferd. De vrouwen kunnen zich alleen aansluiten bij één coöperatie of kleine coöperaties. Dit doet mij erg denken aan "You're either with us or against us". Dat bleek later óók op drijfzand, valse aannames en ronduit leugens gebaseerd, aangezien in deze periode (oktober 2013) Caja van Tolie samen met vier andere sekswerkers de coöperatie (de Macha's) verlieten, bleef er maar één Macha over.

Ja, u leest het goed, één Macha.

De reden voor het vertrek van Caja en de anderen was dat de Macha's niet door de Utrechtse sekswerkers zelf werd geleid, maar door Marjan Wijers, Dick Spel, Mieke van der Burg, Hans de Nie en de Haagse escort Roos Schippers.

Aangezien de Macha's van bovengenoemde personen de huurcontracten van de te heropenen boten niet mochten tekenen, was een definitieve breuk tussen de sekswerkers en de zogenaamde deskundigen onvermijdelijk. Caja van Tolie wilde zelf gaan exploiteren en richtte Freya Exploitatie BV op. Zij heeft huurcontracten van Wegra en de Hardebollenstraat. Daar Marc Kramer op 12 november 2013 een vergunning zou krijgen om de twaalf boten te openen, vond er koortsachtig overleg plaats tussen Marjan Wijers en haar "deskundigen" om dit te voorkomen. Er werd contact gezocht met raadslid Bouchra Dibi (PvdA) die op dat moment prostitutie in haar portefeuille had. Hans de Nie – adviseur van de Macha's – maakte naar aanleiding van een bijeenkomst van de PvdA die gehouden werd op 11 oktober 2013 – ernstig bezwaar tegen de nieuwe exploitant en vond dat er door de gemeente Utrecht geen nieuwe vergunningen meer mochten worden afgegeven.

Hans de Nie schrijft hierover in een mail van 12 oktober 2013:
Ik maak ernstig bezwaar tegen de oplossing dat er nieuwe exploitanten worden gezocht die een vergunning krijgen op de boten die eigendom zijn van mensen die zich op de door de burgemeester geschetste wijze hebben gedragen, Deze nieuwe exploitanten zullen marionetten zijn van de eigenaar die de inkomsten blijft toucheren.
Het zegt niets of deze exploitanten een schone lei hebben en door de zware toetsing komen, want de eigenaar heeft er natuurlijk wel voor gezorgd dat dat zo is.
Het verlenen van een vergunning aan deze nieuwe exploitanten wordt door mij dan ook gezien als een indirecte vergunning aan de eigenaar van de boten en dus een beloning op slecht gedrag.
In diezelfde periode (oktober 2013) komt uit intern mail verkeer van de coöperatie naar voren dat Marjan Wijers en cum suis via de politiek er onder andere voor hebben gezorgd dat het waterschap de ligplaatsen van de boten zouden opzeggen.

Dick Spel schrijft over dit onderwerp in een mail van 13 oktober 2013:
De gemeente heeft bij mijn weten niet het voornemen om de ligplaatsvergunningen van Wegra bij het waterschap juridisch aan te vechten. De gemeente heeft gezegd in overleg te zijn met het waterschap om te zien welke mogelijkheden er zouden zijn voor het waterschap om, op verzoek van de gemeente of op eigen initiatief, de ligplaatsvergunningen in te trekken (bijvoorbeeld omdat de exploitatievergunning is ingetrokken). Dat lijkt juridisch nogal ingewikkeld en vereist een goede samenwerking en goed vertrouwen tussen waterschap en gemeente. Op het hoogste bestuurlijke niveau (burgemeester en dijkgraaf) vindt hierover overleg plaats.
Hoe kan het zijn - zo vraag ik mij af - dat Dick Spel (die namens de coöperatie op dat
moment nog maar één Macha/sekswerker vertegenwoordigt) wist van het overleg op het hoogste bestuurlijke niveau (burgemeester en dijkgraaf)? Alle andere belanghebbenden wisten helemaal van niets.

Het antwoord op mijn vraag kan ik nu zelf geven. Onlangs (maart 2015) kreeg ik via Twitter een intern schrijven van het Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden toegestuurd. Het betreft beantwoording van schriftelijke vragen.

ex art. 40 Reglement van Orde
Vraag 8
Onze fractie vindt het ongepast dat de leden van het algemeen bestuur dergelijke informatie uit de pers moeten vernemen. Moet uit het achterwege blijven van deze informatie worden geconcludeerd dat het algemeen bestuur pas wordt geïnformeerd
nadat de overeenkomsten zijn getekend waarmee het AB voor een fait accompli zou zijn gesteld?
Antwoord:
De burgemeester van Utrecht heeft HDSR op 18 oktober gevraagd zijn verzoek in eerste instantie strikt vertrouwelijk te behandelen. Uiteindelijk is de gemeente Utrecht om haar moverende redenen ermee naar buiten getreden zonder dat wij daarvan op de hoogte waren. Mocht het komen tot bestuurlijke afspraken met de gemeente dan wordt u, gelet op de politieke gevoeligheid, per omgaande geïnformeerd.

13 december 2013
Wilt u het nog duidelijker?

Inmiddels ging Hans de Nie samen met Mieke van der Burg op afspraak naar de gemeente om bezwaar te maken tegen de voorgenomen vergunningverlening aan Marc Kramer van Midned. Dit is echter vanuit de gemeente Utrecht nooit met Marc Kramer besproken. Een week vóór de vergunningverlening (begin november 2013) krijgt Marc Kramer van Midned geheel onverwachts van Burgemeester Wolfsen te horen dat het beter is om een landelijke BIBOB-procedure op te starten. Marc Kramer ging hiermee akkoord. Begin december 2013 kwam als donderslag bij heldere hemel voor alle belanghebbenden - behalve dan voor de "deskundigen" van de Macha's - het nieuws via RTV Utrecht naar buiten dat het waterschap de ligplaatsvergunning van de boten had opgezegd.

Na ruim 68 jaar prostitutie op het Zandpad worden de booteigenaren gesommeerd om de boten vóór 3 maart 2014 weg te slepen.
Wel nu, de boten liggen er nog steeds en er is nog immer hierover een juridische strijd gaande. En weer was daar er een storm van kritiek.

Op 19 december 2013 resulteerde dit onder andere in een motie (2013/M99) waarop deUtrechtse raad het college opdracht gaf de ramen op het Zandpad en de Hardebollenstraat weer in gebruik te nemen. Maar in dezelfde raadsvergadering werd er vervolgens een nieuwe APV geïmplementeerd welke tot gevolg had dat de heropening van het Zandpad en de Hardebollenstraat bestuurlijk kapot werd gemaakt.

Toeval?

De vergadering van 19 december 2013 was de laatste raadsvergadering van Aleid Wolfsen als burgemeester van Utrecht. De ramen en boten die hij gesloten had, moesten van de raad weer open maar konden vervolgens niet open door diezelfde raad.

Een klucht? Of is dit alles de "gewone" gang van zaken voor de Utrechtse politiek?

Hoe het ook zij, tot op heden is de motie (2013/M99) nog niet uitgevoerd. Dat mag duidelijk zijn.

Op 6 januari 2015 dienen Marjan Wijers, Dick Spel en Mieke van der Burg (die nog maar één Macha/sexwerker vertegenwoordigen) de notitie "Verder met het Zandpad" in.

Samengevat:
* Huren blijven hetzelfde (niet afwijken van de reguliere huurprijzen)
* Alleen coöperaties (is dit geen monopolie? BvB)
* Daardoor geen mensenhandel
* Er is geen uitbuiting meer
* Nooit meer exploitanten

Maar hoe kunnen deze zogenaamde deskundigen zo stellig beweren dat gedwongen prostitutie, mensenhandel, uitbuiting en pooier-isme niet zal/kan voorkomen in een coöperatie als de Macha's? En was er eigenlijk wel sprake van mensenhandel, uitbuiting, gedwongen prostitutie en pooier-isme op het Zandpad? Immers, tot op heden is naar mijn weten geen enkele exploitant, booteigenaar en/of personeelslid van het Zandpad veroordeeld voor gedwongen prostitutie, mensenhandel, uitbuiting en pooier-isme. Zelf ben ik van mening dat als men maar vaak en hard mensenhandel, gedwongen prostitutie en uitbuiting roept, men het op een gegeven moment ook daadwerkelijk gaat geloven. Met als eindresultaat: tunnelvisie.

Alle betrokken partijen die op enigerlei wijze actief met de sluiting van het Zandpad en de Hardebollenstraat te maken hebben gehad, hebben - in meer of mindere mate - van deze tunnelvisie last gehad. Zoals daar zijn: Bureau Mensenhandel, B & W, de gemeenteraad, politie, justitie, het OM en de media. Maar vergeet vooral niet de eindeloze lijst van zogenaamde hulpverleners en adviseurs, veelal gesubsidieerde clubs/personen die met de bestrijding van mensenhandel en (gedwongen) prostitutie te maken (denken te) hebben - en daarmee (in sommige gevallen riant) hun boterham verdienen. Allemaal waren het - of zijn het - Tunnelvisie Zandpad Kijkers. Met alle nare gevolgen van dien voor de 330 sekswerkers.

De vraag blijft of Marjan Wijers, Dick Spel en Mieke van der Burg bezoldigd of onbezoldigd deze coöperatie zouden gaan leiden? Op dit moment is Marjan Wijers samen met haar "deskundigen" druk bezig in Amsterdam. Daar wil men ook een coöperatie in de trant van de Macha's oprichten. Maar waarom zou het in Amsterdam wel lukken waar het voor Marjan Wijers en haar volgers in Utrecht zo jammerlijk mislukt is? Zijn de sekswerkers in Amsterdam mogelijk van een ander kaliber als die uit Utrecht? Of staat voor Marjan Wijers in Amsterdam de subsidie kraan misschien wat wijder open dan het - tot voor kort - voor haar in Utrecht het geval was?

Proud, een onlangs te Amsterdam opgerichte belangenvereniging voor sekswerkers, krijgt adviezen van SWexpertise waar Marjan Wijers óók als "deskundige" adviseert. Marjan Wijers is de spin in het web van vele, met (grote sommen) subsidie geld ondersteunde projecten, stichtingen, verenigingen, coöperaties en organisaties - nationaal en internationaal - die op enigerlei wijze met (gedwongen) prostitutie, mensenhandel, uitbuiting en vrouw en recht te maken hebben. En het is onder andere deze Marjan Wijers - te samen met die andere "deskundigen" én de gemeente Utrecht - die ervoor gezorgd heeft dat er 330 sekswerkers niet meer terug konden keren naar hun legale werkplek in Utrecht.

Marjan Wijers en haar mede "deskundigen" hebben de afgelopen 2 jaar hoogstwaarschijnlijk geen zorgen gehad over hoe ze de huur of hypotheek moesten betalen. Dat is niet zo vreemd gezien hun gestaag groeiende inkomen uit subsidie- en consultancy- geldstromen die wekelijks, maandelijks of jaarlijks hun kant op komen. Dit is een zuur gegeven voor de 330 sekswerkers die brodeloos in Utrecht achterbleven, terwijl Marjan Wijers en gevolg reeds met de staart tussen de benen richting Amsterdam vertrokken waren.

Marjan Wijers en haar "deskundigen" hebben - al of niet bedoeld en al of niet naar eer en geweten gehandeld - in Utrecht een spoor van vernieling achtergelaten met dramatische gevolgen voor de 330 Utrechtse sekswerkers. Het valt nog maar te bezien hoe het in Amsterdam gaat aflopen. Veel succes daar!

Maar wat was nu the smoking gun die er uiteindelijk toe geleid heeft dat het Zandpad door de driehoek politie in eerste instantie gesloten werd? Welnu, dat is een vrouw. Een sekswerker op het Zandpad.

In Utrecht heb je de voorziening Huiskamer Aanloop Prostituees (HAP) die onder de paraplu van (jawel, daar is er weer een...) stichting de Tussenvoorziening valt. Hier kun je binnenlopen voor contact met andere prostituees, een gesprek met een medewerker of arts, advies of gewoon voor een kopje koffie. Gezellig!

Maar een gesprek met een van de medewerkers van HAP - onder het genot van een gesubsidieerd kopje koffie - is niet altijd even vrijblijvend voor de dames van het Zandpad als gedacht. Zo had de sekswerker in kwestie vijf à zes jaar geleden een geheel vrijblijvend gesprek met een medewerker van het HAP. De medewerker van het HAP zag dat de sekswerker haar been gedeeltelijk in het gips had.

Op de vraag van de HAP medewerker waarom de sekswerker nog in deze toestand aan het werk was, antwoordde de sekswerker dat er toch geld verdient moest worden, met of zonder gebroken enkel. Een aantal jaren later werd dezelfde sekswerker door een HAP medewerker op het Zandpad al werkend aangetroffen terwijl de sekswerker reeds een aantal maanden zwanger was. De in verwachting zijnde sekswerker vertelde dat ze nog een paar weken wilde werken om vervolgens naar haar geboorteland terug te keren om daar te bevallen van haar kind.

Deze vrijblijvende gesprekken resulteerden - tezamen met jarenlang onderzoek naar misstanden in de raamprostitutie door de politie in samenwerking met het Openbaar Ministerie - in een ronkende (geheime) bestuursrapportage. Deze is opgesteld door de politie op verzoek van de gemeente. En weer wat later zijn de media er flink mee aan de haal gegaan.

Sekswerker(-s) met gebroken been wordt/worden gedwongen te werken op het Zandpad!

Hoogzwangere sekswerker(-s) wordt/worden gedwongen om te werken op het Zandpad!

Aanvankelijk deed men het nog voorkomen dat dit alles betrekking had op meerdere sekswerkers. Later bleek dat het hier nota bene één en dezelfde sekswerker betrof! Beide gevallen, werken als sekswerker met een gebroken enkel om vervolgens een jaar of drie, vier later als sekswerker te werken terwijl je een aantal maanden zwanger bent zijn niet bepaald ideaal, nee. Echter, het mag toch algemeen bekend zijn dat de arbeidsongeschiktheids- en inkomensverzekeringen voor een zzp'er in Nederland onbetaalbaar zijn? En dat veel zzp'ers in Nederland beide verzekeringen om deze reden dan ook niet hebben? Zo geldt dat ook voor veel sekswerkers. En dan is het nog maar de vraag of een sekswerker überhaupt zulke verzekeringen kan
afsluiten. Zie maar eens als sekswerker een bankrekening te openen.

De dame in kwestie was geheel vrijwillig aan het werk. En deze dame was ten tijde van haar zwangerschap geregistreerd bij de gemeente Utrecht. Dat was namelijk sinds oktober 2011 verplicht. Alle sekswerkers in Utrecht moesten een bewijs van registratie van de gemeente Utrecht bij zich dragen en deze te alle tijde kunnen tonen wanneer daar om gevraagd werd. Deze registratieplicht voor sekswerkers was enkel en alleen in Utrecht ingevoerd, nergens anders in Nederland was er een gemeentelijke registratieplicht voor sekswerkers. Deze registratieplicht is op instigatie van de toenmalige burgemeester Mr. A. Wolfsen in oktober 2011 ingevoerd. Anders gezegd: alle 330 sekswerkers waren werkzaam op het Zandpad en de
Hardebollenstraat met goedkeuring - registratie - van de gemeente Utrecht.

Op 6 maart 2015 verschijnt er in het AD Utrechts Nieuwsblad een artikel met de
aanhef:
Terugkeer prostitutieboten Utrechtse Zandpad uitgesloten
In dit artikel komen burgemeester Van Zanen, politiechef Johan van Renswoude en plaatsvervangend hoofdofficier van justitie Heleen Rutgers - de driehoek politie - aan het woord.

Het artikel opent met een uitspraak van de burgemeester:
De sluiting van raamprostitutie aan het Zandpad en de Hardebollenstraat in Utrecht was onvermijdelijk. De bedrijven van alle exploitanten zijn zo verrot dat ze, volgens burgemeester Jan van Zanen, het recht op een vergunning verspeeld hebben. De kans dat er ooit nog prostituees achter de ramen van de bootjes op het Zandpad zitten, acht hij dan ook uitgesloten.
Een boude uitspraak van de burgemeester.
De bedrijven van alle exploitanten zijn zo verrot dat...

Kan Van Zanen dit onderbouwen? Nou nee... Integendeel, zo blijkt later in ditzelfde krantenartikel.

Plaatsvervangend hoofdofficier van Justitie Heleen Rutgers zegt:
...dat er per prostitutiebedrijf tientallen aanwijzingen over betrokkenheid bij mensenhandel, uitbuiting en afpersing is geconstateerd...
Welnu, vervolgen die hap, zou ik zeggen.
Nou nee...
Want even verderop in het artikel zegt Heleen Rutgers:
Van geen van de betrokken bedrijven zijn medewerkers vervolgd voor strafbare feiten, terwijl in de bestuursrapportage die is opgesteld door de politie in samenwerking met het Openbaar Ministerie wel wordt gesteld dat medewerkers van de bedrijven zich schuldig maakten aan (het mogelijk maken) van mensenhandel.
Dus de medewerkers worden niet vervolgd voor strafbare feiten hoewel er door de bestuursrapportage wordt vastgesteld dat medewerkers van de bedrijven zich schuldig maakten aan (het mogelijk maken van) mensenhandel.
Begrijp ik het nog?
Nou nee....

Het artikel vervolgt met:
Volgens officier van justitie Rutgers is na de sluiting van de raamprostitutie 'nut en noodzaak' van individuele vervolging van sleutelfiguren bij de exploitanten wel afgewogen. "Daarbij telt de vraag of we de schaarse recherchecapaciteit inzetten om jarenlang te investeren in mogelijke bewijsmiddelen waarvan we al weten dat het ongelofelijk ingewikkeld is. Of zeggen we, die capaciteit kunnen we beter investeren in acute signalen van mensenhandel die zich in onze hele regio nog heel vaak voordoen."
Wat een kletspraat.
Mijns inziens heeft het er alle schijn van dat justitie de bewijsmiddelen over deze sleutelfiguren simpelweg niet rond heeft kunnen krijgen. Immers, justitie zou geen seconde getwijfeld hebben om direct tot vervolging van deze sleutelfiguren over te gaan - mits justitie over voldoende bewijsmiddelen zou beschikken. En juist dit - overgaan tot vervolging - is tot op heden niet gebeurd. En zou de reden - van het niet rond krijgen van wettig en overtuigend bewijs - mogelijk kunnen zijn: daar waar niets (aan de hand) is, zult gij ook niets vinden?

Het artikel vervolgt:
De mogelijkheden om tot succesvol vervolgen over te gaan, is volgens Rutgers erg ingewikkeld. "Je hebt daarvoor wettig en overtuigend bewijs nodig. In het bestuursrecht kan volstaan worden met aanwijzingen daarvoor. Bij het strafrecht zouden we verklaringen nodig hebben van bijvoorbeeld prostituees. Dat is niet eenvoudig. Ook is technisch bewijs moeilijk rond te krijgen."
Juist ja.
Lukt het niet via het strafrecht?
No worries mate!
We hebben altijd nog het bestuursrecht.
Want daar kan je wél lekker aan de slag met iets heerlijk vaags als aanwijzingen.
"Werkelijk fan - tas - tisch!"
"Graag gedaan, meneer de burgemeester."
Prettiger kunnen we het niet maken, wél makkelijker!

Verderop in het artikel zegt Van Zanen:
"Prostitutie, wat je er ook van vindt, hoort bij de stad. Ook raamprostitutie. Ik ben er dan ook honderd procent van overtuigd dat er weer raamprostitutie terugkomt. Maar het duurt wel verdomd lang. En daar baal ik van"
Dit siert de burgemeester, maar in de gemeenteraadsvergadering van 16 januari 2015 over het Nieuwe Zandpad zegt Van Zanen:
We willen alles op een unieke en nooit eerder vertoonde manier regelen,
maar het is ingewikkeld.
Ik kan geen garanties geven.
En we hebben ook geen alternatief als dit weer mislukt."
En na het lezen van het AD Utrechts Nieuwsblad artikel van 6 maart 2015, durf ik hier en nu te beweren dat geen enkele ondernemer nog bereid is om ruim 4 miljoen Euro te investeren in het Nieuwe Zandpad. Want als het zwaard van Damocles hangt boven het Nieuwe Zandpad de gerede kans dat op ieder moment van de dag de driehoek politie kan besluiten om alles weer dicht te gooien, enkel en alleen op basis van aanwijzingen.

Heleen Rutgers in het zelfde AD Utrechts Nieuwsblad artikel :
"Het gaat niet om bestrijding van prostitutie, maar om bestrijding van
mensenhandel en uitbuiting van vrouwen."
Ja, die is lekker. Die houden we erin.
Ik kan werkelijk niet begrijpen hoe Heleen Rutgers dit - het gaat niet om de bestrijding van prostitutie - met droge ogen kan verkopen aan de 330 Utrechtse sekswerkers welke achteloos geslachtofferd zijn voor én door de bestrijding van mensenhandel en uitbuiting van vrouwen? Ogenschijnlijk heiligt het doel de middelen bij "de driehoek politie" van Utrecht en worden de 330 Utrechtse sekswerkers klaarblijkelijk als collateral damage beschouwd.

Toen wij in de zomer van 2013 - nog vóór de sluiting van de laatste boten - van de toenmalige burgemeester Mr. A. Wolfsen de toezegging kregen dat nieuwe exploitanten zich konden aanmelden om exploitatievergunningen aan te vragen om raamprostitutie in Utrecht weer mogelijk te maken, kregen alle belanghebbenden weer het gevoel dat het met het Zandpad en de Hardebollenstraat toch nog goed zou komen. Met als gevolg dat de storm van protesten snel was geluwd. "Over een paar maanden zijn het Zandpad en de Hardebollenstraat weer open", zo dachten wij.Er was weer hoop.

Met de wetenschap van nu, kunnen we concluderen dat alle belanghebbenden in de zomer van 2013 hopeloos in de val zijn gelopen. Het was een zoethoudertje vanjewelste - dat tot de dag van vandaag stand houdt.

Tenslotte wil ik graag van de gelegenheid gebruik maken om alle deelnemers van de Nationale Denktank Toekomst Exploitatie Raamprostitutie - vergadering van 4 juli 2013 te bedanken voor jullie goede inzet die dag. Want het was op déze vergadering dat het kille startschot klonk die het einde inluidde van het Zandpad. De 330 sekswerkers van het Zandpad en de Hardebollenstraat zullen jullie nooit vergeten.
Het zijn de Denktank-deskundigen tezamen met de gemeente Utrecht die de 330 Utrechtse sekswerkers pardoes op straat hebben geschopt en daarmee tevens het maatschappelijk en algemeen belang van een prostitutiezone in een grote landelijke stad als Utrecht de nek hebben omgedraaid.

Barbara van Brakel
(De mails waar ik uit citeer of naar refereer, zijn sinds oktober 2014 in mijn bezit.)

maandag 9 maart 2015

Antwoord op: Een pooierverbod is een goed idee

Er wordt gepleit voor een totaalverbod op pooiers. Niet alleen grauwe mannen in café's doen dat, na hun vijfde pilsje, maar vooral mensen uit de verbiedertjeshoek. Een duidelijk voorbeeld daarvan is Peter Lemaire, een rechter die zegt dat hij niet graag op de stoel van de wetgever wil gaan zitten, maar dat met zijn gepleit voor repressievere wetgeving over prostitutie dus wel dóét.

Het idee achter een pooierverbod gaat ongeveer zo:
We hebben prostitutie gelegaliseerd, en daarom zijn pooiers nu onaantastbaar. Het enige wat we kunnen doen is ze veroordelen voor mensenhandel, ofwel moderne slavernij, als we dat kunnen bewijzen. Dat is héél moeilijk, want het is heel moeilijk te zien, de meisjes liegen natuurlijk als je ze vraagt of ze worden misbruikt, en de eisen voor bewijs zijn heel erg streng.

Zo is een enorme golf van massaverkrachtingen ontstaan waar niemand mee naarbuiten komt. Al die slachtoffers moeten worden gered, en dan moeten we niet kinderachtig gaan doen dat het mìsbruik zèlf moet worden bewezen, want dat is eigenlijk toch altijd wel zo. Daarom moeten we nu doorpakken, en gewoon elke pooier verbieden, want dat probleem hoort toch al verboden te zijn. En pooier is iedereen die voordeel heeft van een hoer.

Het is natuurlijk onzin. Ik zal uitleggen waarom.

Als eerste is de slagzin dat legaliseren van de prostitutie niet heeft gewerkt, en zelfs de mensenhandel erger heeft gemaakt. Daar klopt helemaal niets van. Daar heb ik al over geschreven. Volgens de verhalen van de voorstanders van pooierverboden worden er nu misleide meisjes uit het Oostblok gehaald omdat we hier zo'n gulzige prostitutiemarkt hebben. Die dingen heb ik dus ook al behandeld, dat ga ik hier niet nog een keer doen.

Het is onzin om te denken dat alle mensen die met een hoer te maken hebben haar uitbuiten, haar dwingen of gewoon slecht zijn. Daar heb ik een poosje geleden al over geschreven. Elke werkende mens heeft wel leveranciers en dienstverleners, op grote of kleine schaal, het is niet raar dat hoeren die soms ook hebben. Maar dat niet begrijpen is wel nodig als je logisch wil vinden waar de mensen die pooierverboden willen invoeren in willen geloven.

Om alle mensen die voordeel hebben van een hoer als pooier te zien is weer een voorbeeld van mensen over één kam scheren, zowel alle contacten van een hoer àls alle hoeren, en dan een kam die niet eens een gróte groep van de hoeren past. Sekswerkers die zich uitspreken tegen dit soort initiatieven worden altijd afgedaan als witte raven die niet mee mogen tellen als er regels worden gemaakt. Anekdotes over slachtoffers, hoe twijfelachtig ook, zijn juist goede voorbeelden van hoe het stiekem àltijd is.

Pooiers zijn geen ééndimensionale mensen. Ze zijn wat mij betreft nergens voor nodig, en ik kan ze missen als kiespijn, maar er zijn vrouwen die daar heel anders over denken. Die accepteren graag al de nadelen en de kosten die aan een pooier zitten, omdat ze er meer aan hebben dan ze vinden dat het kost. En als ze hem niet kunnen krijgen, maken ze hem wel. Dat vind ik altijd een duidelijke demonstratie dat het niet zomaar gebeurt, niet zomaar zijn initiatief is waar zij zich maar naar schikt.

Een pooier zien als een gevaar dat je overkomt is onzin. Pooiers hebben meewerken van hun hoer nodig. Zonder bijkomende dwang is een pooier zo afgeblaft. Ik heb me wel geïntimideerd gevoeld door pooiers in de bendetijd, maar het was nooit moeilijk om ze van me af te houden. Achteraf zie ik vooral dat ik vroeger teveel heb geloofd in de verhaaltjes van de politie over hoe gevaarlijk en invloedrijk pooiers zijn. Dat gaf ze macht.

Ik ben al diep ingegaan op pooiers, wat ze zijn, hoe ze werken en hoe ze ontstaan. En ik heb ookal verteld hoe het echt zit met loverboymethodes, waar de zieligheidsindustrie zo graag alles mee verklaart wat laat zien dat hun verhaal niet klopt. Een pooier heeft geen toverkracht. Als een pooier je ergens toe dwingt, is dat hetzelfde als een ècht mens die je ergens toe dwingt. Geen rare smoezen, je moet er realistisch over zijn.

Als iemand echt gedwongen wordt tot iets wat ze echt niet wil, probeert ze die situatie te stoppen. Ze zal hulp willen als er zoveel druk op haar wordt gezet dat ze het niet zelf kan. En in de prostitutie, waar je heel intiem met klanten moet omgaan, om nog maar te zwijgen van de stoet hulpverleners en politie, is het onmogelijk om een meid geïsoleerd te houden. Het is een hele moeilijke situatie als pooier om een meid tot prostitutie te dwingen.

En waarom zou hij? Er zijn genoeg meiden die graag met een pooier werken. Wat ze eruithalen verschilt een beetje, maar dàt ze er wat uithalen zie je elke keer als je zo'n meid aan het praten krijgt. Dat is de motivatie, en niet dwang. Pooierrelaties bestaan alleen als ze er allebei aan meewerken. Dat lijkt een hele rare uitspraak, maar lees mijn eerdere stukken er maareens op na, dan snap je wel dat het zo werkt.

Pooiers zijn niet per sé misbruikers. Ze zijn niet per sé dwingers. Ze zijn niet eens per sé uitbuiters. Een pooier is een vent die de meid aan het werk houdt, en haar daarvoor achter haar broek zit. Dat kan alle vormen aannemen, ookal is een seksuele, agressieve vorm veruit het populairste. Pooierij is niet zomaar gelijk te nemen met misbruik. Het is een complexe toestand waar veel kanten aan zitten.

We moeten niet de wet gaan maken op basis van ons ansichtkaartidee van de prostitutie. We moeten eerlijk zijn. Je kan vinden van pooierrelaties wat je wil, dat ze pervers, ongezond, onrendabel of puberaal zijn, maar je moet niet doen alsof het gaat om dwang van de ene op de andere. Mensen hebben het recht om zelf hun relatievorm te beslissen. Als beide partners instemmen, dan is het hun zaak geworden.

Daar denken verbiedertjes anders over. Die willen het aan kunnen pakken als mensen anders met seks omgaan dan zij goed vinden. Als je kijkt naar de kromme argumenten, en de verhalen die nergens beginnen en nergens eindigen, dan buigen ze allemaal naar hetzelfde idee. Als het niet om seks gaat zijn ze niet geïnteresseerd, en als het wel om seks gaat proberen ze elk scenario behalve hun goedgekeurde relatiedenken te vergiftigen met suggesties over misbruik.

Mensen die voor een pooierverbod pleiten zijn in het algemeen de mensen die de strenge voogd over ons willen spelen. Die willen ons "leren" zedig te zijn en braaf te leven volgens hun regels. Het zijn de orde-en-tucht-types. Je moet dan denken aan de mensen die zeggen dat we eens moeten ophouden met die viezigheid en een echt vak moeten leren. Van die types die het liefst de meiden ook opsluiten, om ze opnieuw op te voeden. Hersenspoelers.

Als we een pooierverbod zouden invoeren, krijgen we nog veel meer het probleem dat we nu al hebben dat alle aandacht naar niet-slachtoffers en nep-slachtoffers gaat, en mensen die ècht in de problemen komen worden genegeerd omdat ze niet in het plaatje vallen. De zieligheidsindustrie wordt alleen maar verder vetgemest, de politie kan grijpen wat ze willen, en allemaal omdat we onterecht mensen criminaliseren. En die zijn opeens, voor niets, crimineel, en krijgen daar draconische straffen voor.

Nu al ben je als partner van een hoer erg kwetsbaar voor plotselinge mensenhandelvervolging, en dat wordt met een pooierverbod alleenmaar makkelijker. Elke normale mens jaag je weg als helper, dienstverlener, vriend, steun, of partner van een hoer. Je verklaart heel veel goede, normale mensen tot misdadiger. Dat is gewoon niet eerlijk. We hebben nu al bijna een partnerverbod, dat wordt zo alleenmaar officiëel.

Het OM is vóór, want die zijn lui hebben een hekel aan dat ze met bewijs moeten komen als emotie genoeg zou moeten zijn om te kunnen scoren. De zieligheidsindustrie is vóór, want die zien al een grote stroom klanten op gang komen, waar geen eind aan komt. Die twee samen zijn dus ook de grote voorvechters. En daarbuiten zijn er erg weinig mensen in machtsposities die echt weerstand geven, ze willen alleen nog niet meteen mee met het verhaal. Dat verontrust me.

Misschien moet ik over een poosje dit stukje eens flink gaan uitbreiden. Ik kan alleenmaar hopen dat mensen dit een stap te ver vinden, maar als ik kijk naar hoe kritiekloos de mensen de onzinverhalen over prostitutie aannemen, heb ik er toch maar een hard hoofd in.

maandag 2 maart 2015

Verboden tuin

Ik zat op een basisschool in ons eigen dorp, voordat ik ver weg van huis moest voor de middelbare school. Ik kon vanaf de basisschool makkelijk naar huis lopen, het was maar een klein eindje. En toch kwam ik nogweleens te laat op school, omdat ik altijd omliep van huis naar school en terug. Er was namelijk langs het paadje wat het kortste was een tuin, waar wij allemaal niet bij in de buurt wouden komen.

We werden gewaarschuwd voor die tuin. Ik weet niet meer precies wat de juffen en meesters erover zeiden, maar ze waren niet erg duidelijk, en we moesten er maar gewoon bij uit de buurt blijven. We vulden met elkaar de onduidelijke stukken in met roddels. Het was al meteen dat daar een kinderlokker woonde, ookal wisten we niet precies wat dat inhield. Er was in ieder geval een spannend soort angst voor.

Het was een kinderlokker. Hij zou je pakken, en aan zijn hond voeren. Hij zou je vermoorden en in die tuin begraven. Er lagen al kinderen in de grond, volgens sommige verhalen. Er zou een heks wonen, of een duivelaanbidder, of een atheïst. Hij zou melaats zijn en je zijn ziekte geven. Hij haatte kinderen, en wou je pijn doen. Hij zou je aanschieten, en keek daarna graag toe hoe zijn hond je verscheurde. In de achtste groep dachten we dat hij je zou grijpen en naakt opsluiten in zijn huis.

Ik bleef daar gewoon weg, totdat ik niet meer daar naar school ging. De meeste andere kinderen ook. Soms gingen er weleens groepjes kijken naar die tuin, vanaf een afstandje. Je zag niets, want er groeide een hele hoge heg omheen. Als je te dichtbij kwam, sloeg er een enorme hond aan achter die heg, en dan durfde niemand meer dichterbij te komen. Ik hoorde de verhalen wel, maar ik durfde nooit in de buurt te komen.

Soms waren er groepjes jongens die dapperder waren, en die gingen dan stokken en stenen over die heg heen gooien. Dat vonden we heel moedig van die jongens, die het tegen die kinderlokker opnamen. Maar als de hond aansloeg, renden die ook wel weg. Tijdens een zomervakantie hebben ze eens geprobeerd om zijn tuinpoort in brand te steken. Dat waren de spannende dingen die we geweldig vonden in de klas. Er kwamen dan van de juffen en meesters weer waarschuwingen om daar weg te blijven.

Er was één jongen die daar wèl kwam. Zijn verhaal heb ik nooit goed gehoord, want we wouden het helemaal niet horen. We vonden hem gek, en we vonden hem maar iemand om af te keuren. Er was een gevoel bij hem dat hij ergens soortvan medeplichtig was, en dat hij iets slechts deed. Achteraf vraag ik me af of dat slechte niet gewoon was dat hij ons liet zien dat we ons over niets hadden drukgemaakt.

Die jongen heb ik toen hij volwassen was nogeens gesproken. Ik was met mijn ouders op een terras in het dorp, en hij herkende mij. Ik had hem niet herkend, hij was nogal veranderd sinds hij een kleine jongen was. We haalden een paar herinneringen op, maar omdat hij iets controversiëels had op school had ik nooit echt contact met hem gehad daar. We kwamen dus al snel met het gesprek bij de verboden tuin.

Hij was een buurjongen van een aantal huizen verderop bij die tuin. Hij vertelde dat in het huis bij die tuin een stokoude man woonde, een gepensioneerde tuinder, die daar zijn moestuin had. De oude man kon niet meer zelf alles doen, en zijn ouders zeiden dat hij soms maar moest komen helpen. De hond was een grote staander, die waaks was, maar ook erg lief. De oude belde de school altijd om te klagen over kinderen die zijn hond kwamen pesten.

Die jongen was nooit heel populair op school, en hij wist pas later hoe dat had gezeten. Hij vond het daarom juist wel prettig om even achter die hoge heggen te helpen met het snoeien, wieden en spitten. Hij had daar rust, hij kon met de hond spelen, en hij ging bij de oogst wekelijks naar huis met een tas vol groente en fruit, conserven en jam.

Hij had duidelijk goede herinneringen aan die "enge tuin" waar wij allemaal zo gek over deden. En mijn beeld was een beetje geschokt. Ik had allang niet meer het idee dat daar een kindereter woonde, maar ik zag het nog steeds als een griezelige plek die iets temaken had met een valse hond, en een valse eigenaar die daarbijhoort. Ik vond het wonderlijk om te horen over zoiets wat helemaal niet paste in het gevoel wat ik er als kind bij had gehad.

Ik had liever een anekdote gehad over iets wat ik zelf als kind had meegemaakt. Dat klinkt fijner, en het schrijft veel makkelijker. Maar totdat ik zo'n beetje klaar was met school, was ik een echte schijtlijster. Ik heb vooral dingen níét gedaan. Ik ging niet mee naar een kibboets omdat ik niet durfde van mijn gewone dingen af te stappen. Ik durfde niet mee uit te gaan met meisjes van de waterpolo. Ik was een bang tutje.

Ooit geloofden mensen dat je van het randje van de wereld kon vallen als je tever reisde. En er is genoeg bijgeloof dat mensen tegenhoudt om dingen te doen die ze anders wel zouden willen. Dat herkennen ze zelf niet als bijgeloof, ze denken juist dat ze verstandig bezig zijn, en heel goed in de gaten hebben wat er gevaarlijk is. Ook als dat eigenlijk nergens door onderbouwd is.

Nu ben ik veel verder weg dan die jongen in die tuin. Ik wil niet doen alsof ik een ontdekkingsreiziger als Columbus ben, want er zijn al héél veel vrouwen voorgegaan waar ik nu ben. Maar ik ben in mijn eigen verboden tuin. Er is zoveel geks in mensen hun hoofd over prostitutie, en zoveel angst voor alles dat met seks temaken heeft, dat mensen gewoon bang zijn voor waar ik ben.

Ik zit hier best in die verboden tuin. Het is hier leuk, achter de deur van Blauwbaard. Zuster Anna hoeft niet uit te kijken naar redders. Ik ben gewoon blij dat dit één van die dingen is die ik wèl heb gedurfd, en het heeft me veel geleerd waardoor ik alleenmaar méér ben gaan durven. Alleen jammer dat daar wel bijhoort dat mensen niet om kunnen gaan met wat ik doe, en wat ik prettig vind, en me daarom maar voor gek verklaren.